Eventjes maar

2 minuten

Dan hangt de vijgenboom van Sylvia Plath van de ene op de andere dag weer vol met een heleboel van de vlezige vruchten die niet zo lang geleden overrijp leken en vallensklaar, of die al lang op de grijsbetonnen vloerplaat waren neergesmakt, geplet en vertrappeld en vergeten. Die vijgenboom weerom, net nog de verzinnebeelding van een leven in halfopen, trillende handen. Ach en ik prees me toen al gelukkig dat mijn aangeboren gevoel voor dramatiek en melancholie me niet had teleurgesteld op de momenten die zoveel zouden betekenen.

Niet dat het allemaal kommer en kwel was. Niet dat het nu allemaal scheetjes van rozengeur en maneschijn zullen zijn, ik had trouwens nooit eerder last van fotogene flatulentie, maar ik kijk er met grote verwachtingen naar uit. Eens ironie en sarcasme moeten wijken voor pipi- en kakahumor wordt het duidelijk dat blijmoedigheid de ondergang zal zijn van het niveau van de woordelijke baksels die op deze digitale pagina's te kijk staan voor de verzamelde wereldbevolking. De trouwe lezer (en dan spreken we toch al snel over twee à drie sympathieke heerschappen en vrouwspersonen) zal zijn verwensingen sneller bedenken dan tong en stembanden ze kunnen kakelen en we mogen ervan uitgaan dat het streven naar de Nobelprijs voor de Literatuur, of, indien meer passend geacht, de Vrede, nu ook wel kan opgeborgen worden.

Het leven vastgegrepen bij de lurven, en de handen trillen nog steeds, witheet en gretig dit keer. Ik pluk de maanden als zoet vlees, tel de uren in haar ogen. Eventjes maar, in het ogenblik van een mensenleven. Het leven uit een dag, zoals A. F. Th. dat zo mooi verwoordde.

Ik kijk al uit naar morgen. En alle overmorgens die daarop zullen volgen. Als ik nu maar geen immer vrolijke spring-in-'t-veld wordt, 't Vliegend Spaghettimonster verhoede.